Dat de kiezers de PVV van Wilders de grootste heeft gemaakt, plaatst andere politieke partijen voor een dilemma. Het democratisch-DNA zegt dat de politiek recht moet doen aan de verkiezingsuitslag en daarom Wilders het initiatief moet geven een kabinet te formeren. Tegelijkertijd wringt het dat uitgerekend de PVV daartoe het initiatief heeft, terwijl zij in meerdere opzichten de democratische rechtsstaat al jarenlang ondermijnt. Bovendien zijn er politici en media die vinden dat er naar de PVV-stem moet worden geluisterd en niet kan worden genegeerd; dan zouden honderdduizenden mensen worden uitgesloten en dat zou onrechtvaardig zijn.

 

Electorale invloed

Of het terecht is om te stellen dat het ondemocratisch is als de PVV, als grootste Tweede Kamer fractie, niet kan deelnemen aan een kabinet, kan worden betwijfeld. De kiezer heeft geen kabinet gekozen en ook niet de premier, maar een parlement. Elke PVV-stem is daarmee van waarde, omdat die stem zich vertaalt in parlementszetels. Hoewel het op zichzelf juist is dat kabinetsdeelname meer politieke invloed geeft dan oppositie voeren, betekent dat niet dat het mislopen van die invloed de stem op de PVV waardeloos zou maken. Als dat het geval zou zijn, zouden ook de stemmen van de kiezers van GroenLinks/PVDA of de SGP waardeloos zijn. Dat is uiteraard niet het geval. Dus PVV deelname aan het kabinet als noodzakelijkheid omdat anders een groot deel van het electoraat uitgesloten zou worden, is weinig argumentatief. Uiteindelijk berust een kabinet op het vertrouwen van de meerderheid in de Eerste - en Tweede Kamer, zodat ook de PVV daarop invloed heeft. Het is daarom ook niet per definitie ondemocratisch als de PVV buiten het kabinet blijft, ondanks dat het misschien niet gebruikelijk is. Dat dan de agenda van een groot aantal kiezers mogelijk niet wordt uitgevoerd, is tot op zekere hoogte problematisch, maar daarom nog niet ondemocratisch. Daarvoor is het van belang om vast te stellen dat het aan Geert Wilders zelf te wijten is dat zijn programma niet uitvoerbaar blijkt te zijn.

 

Politieke afweging

In dit geval pleit er veel voor dat partijen als de VVD, NSC en BBB afzien van coalitievorming met de PVV. Weliswaar zijn de kandidaten van de PVV rechtmatig en op democratische wijze verkozen, daarmee is de PVV zelf niet een democratische partij en zijn de verkozen PVV 'ers niet per definitie democraten. Het punt is ook niet zozeer dat Geert Wilders met de PVV op zichzelf verwerpelijke standpunten heeft of zelfs standpunten heeft die in strijd zijn met de grondwet, want dat mag in een vrije parlementaire democratie. Het staat politici vrij om opvattingen te hebben over van alles en nog wat, zelfs als dat haaks staat op de uitgangspunten van een parlementaire democratie. Echter, die afwijkende standpunten, die zelfs haaks kunnen staan op de parlementaire democratie, verplicht andere politieke partijen wel om zich daartoe te verhouden. In dat kader is van belang op welke wijze een partij streeft naar het verwezenlijken van haar politieke idealen. Als die inzet de bestaande democratische rechtsorde respecteert, is dat geen probleem. Geert Wilders heeft aangetoond dat hij de parlementaire democratie niet respecteert doordat hij zijn ondemocratische en ongrondwettelijke standpunten niet alleen luidruchtig en bij herhaling kenbaar heeft gemaakt, maar die standpunten ook heeft geconcretiseerd door wetsvoorstellen in te dienen die alle door de Afdeling advisering van de Raad van State als ongrondwettelijk en in strijd met de democratische rechtsstaat zijn ontraden. Zijn onparlementair taalgebruik en zijn bejegening van kabinetsleden, zijn beledigende uitlatingen in het parlement en zijn strafrechtelijk veroordeelde uitlatingen buiten het parlement, zijn allemaal feiten en omstandigheden die aantonen dat bij Wilders de parlementaire democratie niet in veilige handen is. En dat is het punt waarop andere politieke partijen een afweging moeten maken. Daarbij ligt het zwaartepunt van die afweging bij het beschermen van de parlementaire democratie en het functioneren daarvan. Opkomen voor en instaan voor de parlementaire democratie is geen plichtmatige activiteit maar een essentialium voor politieke partijen. In die afweging is het gerechtvaardigd het belang van de democratische rechtsstaat zwaarder te laten wegen dan het belang van het electoraat van Wilders, omdat politieke partijen naast het realiseren van hun eigen politieke doelen ook, elk afzonderlijk en gezamenlijk, de parlementaire democratie moeten beschermen. Met deze verkiezingsuitslag komt het aan op politieke moed om op te staan voor de democratie en stelling te nemen tegen Wilders en de PVV.

 

Principieel

Daarom is de keuze van de VVD laf te noemen. Om eigen electorale redenen ziet zij af van regeringsdeelname in plaats van daarvan af te zien om dat zij principieel, in het belang van de rechtsstaat, niet kan regeren met de PVV van Wilders. Dat had zij uiteraard voor de verkiezingen en tijdens de verkiezingscampagne de kiezer al duidelijk moeten maken, omdat het gaat over de parlementaire democratie. Dat zou voor democratische partijen die de parlementaire democratie omarmen een principiële aangelegenheid moeten zijn. Niet alleen voor de VVD, maar voor alle de parlementaire democratie respecterende partijen. Er zijn grenzen aan een parlementaire democratie die naast de kiezer ook de politiek zelf behoort te bewaken. Als een groot deel van de kiezers dat laat afweten, is de politiek zelf aanzet. Dat heeft niets met politiek gekonkel te maken, maar met het koesteren van de waarden die verbonden zijn aan de parlementaire democratie. Daarbij is het van betekenis als partijen weigeren te regeren met Wilders, ook al is hij de grootste partij in de Tweede Kamer. Dat legt namelijk de consequenties bloot van de ondemocratische en ongrondwettelijke standpunten van die partij en haar leider. Het mag niet lonen voor een politieke partij om jarenlang zich te verzetten tegen de parlementaire democratie door het parlement nep te noemen, de rechtspraak voortdurend in diskrediet te brengen, actief te streven naar het uitsluiten van bepaalde bevolkingsgroepen en daarbij onparlementair taalgebruik te hanteren die de polarisatie in de samenleving bevordert. Dat signaal moet naar de kiezer en naar Wilders uitgaan, zodat de kiezer en Wilders zich kunnen bezinnen op de vraag of zij zich willen voegen in het politieke systeem van de parlementaire democratie of dat zij zichzelf buitenspel willen zetten en buitenspel willen blijven staan. Het is nu aan de fracties in de Tweede Kamer om aan te tonen wat hen de parlementaire democratie waard is. Zeker, het land moet worden bestuurd en er moet recht gedaan worden aan de verkiezingsuitslag, maar niet ten koste van de parlementaire democratie zelf. Dat is een grens die eenvoudigweg niet overschreden kan en mag worden. Pieter Omtzigt lijkt zich daarvan bewust, maar die kan die verantwoordelijkheid niet alleen dragen. Alle zichzelf respecterende partijen zullen nu schouder aan schouder moeten staan om de parlementaire democratie te beschermen. Dat vraagt om onverbiddelijkheid en duidelijkheid richting Wilders en zijn achterban, want ook dat hoort bij de democratie. Het is Wilders zelf die zich buitenspel heeft gezet, maar het is aan de politiek om dat zichtbaar te maken. Dat is de dure plicht van politieke partijen die de parlementaire democratie een warm hart toe dragen, hoe vervelend en moeilijk dat ook is. Nu komt het erop aan.   

Subscribe for updates on all content.

Reactie toevoegen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.

Reactie toevoegen

Beperkte HTML

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd> <h2 id> <h3 id> <h4 id> <h5 id> <h6 id>
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.